Interview: in gesprek met auteur Esther van der Ham

Alweer twee jaar geleden, toen mijn blog nog in de kinderschoenen stond, bezocht ik samen met onze oudste de boekpresentatie van ‘De koningin met groen haar’. Een sprookje, geschreven door Esther van der Ham en geïllustreerd door Francien van Lang.

Sindsdien heb ik Esther op de voet gevolgd en kunnen zien hoe haar uitgeverij steeds groter werd. Ik heb al veel van haar boeken mogen recenseren en het leek me leuk om eens met haar in gesprek te gaan. Esther reageerde direct heel enthousiast op mijn verzoek en zo bezocht ik haar op een zonnige dinsdagmorgen in haar huis in Breda.

Esther, je bent illustrator, auteur en uitgeefster. Hoe zou je jezelf introduceren, met alle drie de termen of springt er eentje voor je uit?

‘Euhm…ja, goh, moeilijke vraag al meteen. Op het moment ben ik het meest bezig met het uitgeven en met het schrijven. Maar ja, ik stel me meestal voor gewoon als Esther. ‘Ja natuurlijk, maar als iemand vraagt ‘wat doe je?’…’ ‘Ik zeg meestal ik heb een uitgeverij en ik schrijf en illustreer boeken. Maar ik merk ook wel dat ik veel doe en dat is ook wel lastig. Voor jezelf om focus te houden, maar ook voor een ander om dat te begrijpen. Ja, wat ben je dan inderdaad hè? Maar op het moment heb je dus een uitgeverij, waar je ook zelf voor schrijft.’ ‘Ja, ik ben meeschrijvend uitgever.’ ‘Kijk, dat is een hele mooie term!’.

‘Ja hè? En ik vind het ook wel goed omdat je daarmee namelijk zelf ook heel erg ervaart door welk proces je moet gaan. Dat is ook de reden dat ik op een gegeven moment romans ben gaan schrijven. Want ik ging autobiografieën uitgeven en toen dacht ik ‘ik geef dit nu uit, maar ik heb geen idee of ik het zelf überhaupt kan en ook waar zo’n schrijver doorheen moet die zijn autobiografie of een roman geschreven heeft. Dus ik wilde ook een keer zelf ervaren hoe het is, kijken of ik het kan omdat je daarmee ook anderen weer beter kunt begeleiden.’

Een hele mooie gedachtegang en tekenend voor Esther. Zich verplaatsen in een ander, oprechte en eerlijke feedback kunnen geven en mensen écht kunnen helpen zijn voor haar heel belangrijk. En het ontvangen van feedback en deze verwerken in je boek zijn volgens Esther ook essentieel onderdeel van het schrijfproces.

‘Iemand vraagt dan bijvoorbeeld: ‘Hoe lang doe je over het schrijven van zo’n boek?’ Mijn laatste roman heb ik in drie maanden geschreven, maar het hele herschrijven en redactieproces was ook nog eens drie maanden. En toch is dat ook superbelangrijk’

De slogan op jouw website luidt ‘Fijne boeken, ook over ingewikkelde onderwerpen’. Je geeft boeken uit die vaak net een tikkeltje anders zijn dan de het gros van de boeken die in de winkel liggen. Had je het gevoel dat er behoefte was aan een uitgever die buiten de gebaande paden denkt?

Ja. Ik had een tijdje geleden een interview bij de radio, en daar zat ook een grote, traditionele uitgever bij en die zei ‘ik begin pas aan een boek als er minimaal 5000 (geloof ik), of 3000 van verkocht kunnen worden.’ En ik zei ‘Wat zonde!’ Dat er dan zoveel boeken niet uitgegeven worden die dan misschien maar 1000 of 1500 keer verkocht worden. Natuurlijk bereik ik ook graag veel mensen met mijn boeken, het allerliefste, maar soms heb je ook boeken waarvan ik denk ‘ik ben al blij als 50 mensen dit lezen en er iets aan hebben’. Voor mij is dat niet per se een reden om een boek op de plank te laten liggen. Desondanks ben ik wel heel selectief en kwaliteit vind ik heel belangrijk.

Heel logisch natuurlijk, maar voor Esther staat de boodschap duidelijk voorop bij het selecteren van boeken die zij via haar uitgeverij naar buiten wil brengen.

Als auteur heb je veel kinderboeken geschreven en/of geïllustreerd, maar inmiddels schrijf je dus ook voor volwassenen. Geef je aan een van de twee de voorkeur of is de afwisseling juist prettig?

‘Nou, ik vind de afwisseling ook wel leuk hoor. Het zijn toch hele andere soorten boeken om te schrijven. Romans zijn veel complexer, meer verhaallijnen en meer psychologie erachter en dat heb je bij kinderboeken niet zo. Ik lees nu ook één keer in de maand voor in de bibliotheek in Breda en dat is gewoon zo leuk. De passie waarmee kinderen daar in kunnen gaan, dat vind ik zo mooi. Kinderen gaan helemaal op in het verhaal. Bij volwassenen zie je dat niet zo. Dan krijg je wel reacties als ‘Jeetje, ik kon je boek niet wegleggen!’ of ‘Ik heb het in 3 uur uitgelezen’, maar daar ben je niet bij.”

Omdat ik je inmiddels al enkele jaren ken en volg weet ik dat het schrijven en dan met name het uiteindelijk publiceren van je romans heel spannend voor je is. Heb je het gevoel dat er meer druk ligt op het schrijven voor volwassenen dan voor kinderen?

Esther denkt een tijdje na. “Meer druk…

Of leg je misschien jezelf wel meer druk op?

Nou, bij de boeken die ik voor volwassenen schrijf zijn de onderwerpen nog wat kwetsbaarder. Daar zit ook wel weer behoorlijk wat van mezelf in. De eerste roman die ik schreef, daar zat de diep-flap operatie in. Ik heb mijn borsten preventief laten verwijderen en ik heb daar toentertijd een dagboek van bijgehouden met het idee ‘ik wil daar ooit nog eens iets meer mee gaan doen’. Dat was een van de verhaallijnen van mijn eerste roman. Mijn tweede roman, daar speelt de depressie een grote rol in. Die vrouw is ook depressief en die worstelt daar ook mee. Ik ben ook depressief en ik worstel daar ook mee. Mijn derde boek gaat meer over de liefde die je kan hebben voor je kind en dat je kind dan een andere weg kiest dan jij misschien wil en hoe lastig dit kan zijn. Dat zijn toch wel hele persoonlijke onderwerpen.’

Je geeft natuurlijk echt een stukje van jezelf bloot aan je lezers’.

Ja. En bij de kinderboeken is dat ook wel zo, maar dat is toch anders. Met de romans ga je meer de diepte in. Dat is echt wel een duidelijk verschil.’

Voor kinderen schreef je diverse AVI-boeken waaronder ‘De koningin met groen haar’ en ‘Het kasteel met de duizend kamers’, waar twee delen van zijn uitgebracht. Is het niet moeilijk om je aan een stramien te moeten houden en tegelijkertijd toch een mooi en goed verhaal neer te zetten?

Nou ja, ik ben natuurlijk techneut. Ik heb daar nooit zoveel moeite mee. Als ik eenmaal een beetje weet wat de zinslengtes moeten zijn en hoeveel lettergrepen een woord kan hebben…

Het valt dus wel mee?

Ik vind het niet zo heel moeilijk’.

Het is voor kinderen belangrijk om zich in een verhaal te kunnen verplaatsen, om er herkenning in te vinden. Hoe zorg jij ervoor dat je weet wat er speelt bij jouw doelgroep, hoe vorm je je een beeld van hun belevingswereld?

‘Ik heb sowieso nog heel veel jonge neefjes en nichtjes. Mijn kinderen zijn bijna 12 en 13, maar mijn jongste aanstaande neefje moet nog geboren worden. Ik heb altijd veel contact met kinderen, ook bij de bibliotheek als ik voor ga lezen. En ik heb ook veel op scholen voorgelezen. Met de boeken voor de vluchtelingenkinderen, ‘Jamil & Jamilla’, ben ik veel naar scholen geweest. Daar vertelde ik dat verhaal voor kleuters en voor groep 8. De basis was hetzelfde, alleen wat je vertelt is anders.’

Door haar uitgebreide ervaring en vele opleidingen, waaronder die tot kindercoach, weet Esther dus inmiddels wat geschikt is om aan kleuters te vertellen en wat je in huis moet hebben om oudere kinderen te kunnen boeien.

Wat opvalt aan jouw kinderboeken zijn, naast de bijzondere titels en onderwerpen, de ontzettend kleurrijke illustraties. Ontstaan deze naar aanleiding van het verhaal? Of heb je vaak juist eerst een plaatje in je hoofd waar het verhaal zich later bij vormt?

Meestal eerst het verhaal en dan de tekeningen erbij. Bij ‘Vogel Vera’ niet, daar heb ik eerst de tekeningen gemaakt. Want wat ik daarbij wilde was een verhaal met alleen maar prenten zodat mensen daar zelf een verhaal bij konden verzinnen. Maar dat bleek toch iets te lastig. Want dat leg je dan voor en mensen vinden dat dan toch moeilijk om te doen. Dus toen heb ik uiteindelijk versjes erbij gemaakt. Dat vinden kinderen ook wel heel erg leuk. Ik heb ook vaak dieren in mijn boeken want voor kinderen is dat fijn’.

Waar haal jij inspiratie vandaan voor jouw verhalen?

Inspiratie vindt Esther overal en nergens. Zoals ze het zelf zegt ‘ik hoef maar één zin te hebben en ik kan er een boek over schrijven’.

Ik heb een tijd workshops gegeven voor groep 7 en 8, schrijfworkshops, en daar geloofden ze me niet. Dat dat zo kon zijn. Dus dat heb ik ook diverse keren bewezen. Dan zeiden de leerlingen ‘vertel eens een verhaal bij die deurklink’ en ik kon een verhaal vertellen bij de deurklink.’

Veel hoofdstukken uit ‘Het kasteel met de duizend kamers’ ontstonden naar aanleiding van titels die Esther in gedachten had voor het boek. En ‘De koningin met groen haar’ schreef ze op verzoek van illustrator Francien van Lang. Esther bedacht een verhaal bij de katten die Francien tekende en zo ontstond gaandeweg het sprookje.

Is er een boek dat voor jouzelf extra speciaal is? Waarom is dat?

Ja, toch wel de boeken voor de vluchtelingenkinderen. Ik vind het heel mooi om wat ik aan mogelijkheden heb in te zetten om toch de wereld een stukje mooier en beter te maken’.

Esther maakte diverse reizen naar de vluchtelingkinderen toe waarbij ze werd geconfronteerd met het feit dat deze kinderen echt helemaal niets hebben en echt blij worden van een presentje; in dit geval de boeken, die Esther schreef samen met Elsbeth de Jager. Voor hun derde boek voor deze kinderen zijn ze ook echt met vluchtelingen meegereisd naar diverse kampen onderweg.

Dat was wel heftig hoor. Dat je bij een kamp komt en er een gestorven man in de berm ligt, gestorven van de honger. En dit was gewoon in Europa. Dan denk je ‘dat dit kán!’. Echt heel erg’.

De eerste twee delen van de boeken over Jamil & Jamilla zijn vertaald in het Arabisch. Geschreven voor de vluchtelingenkinderen om hen te helpen bij het verwerken van hun trauma’s. Een hele verantwoordelijkheid die door Esther en Elsbeth ook zeker serieus wordt genomen en waarvoor ze dus afreisden naar probleemgebieden en ook gesprekken voerden met psychologen.

Tot slot: wat hoop je dat jouw boeken en het werk van jouw auteurs voor jullie lezers betekenen?

Er zijn heel veel onderwerpen waar niet over gepraat mag worden. Persoonlijk denk ik niet dat dit goed is. Het hangt wel af van de manier waarop natuurlijk. Zoals ik al zei, ik ben herstellende van een depressie. Ik ben daar heel open over en ik merk dat mensen daar heel veel aan hebben. Dat ze zeggen ‘nu durf ik het ook te vertellen’ of ‘door wat jij erover schrijft ben ik zelf ook anders naar mijn leven gaan kijken’. Dat vind ik fijn, dat je dat kan betekenen. Ik hou niet zo van taboes.’

En je wil dingen dus graag bespreekbaar maken?

Ja, graag. Het zijn ook de dingen die bij het leven horen. Dus waarom zou je alleen maar mogen praten over de dingen die goed gaan? Of jezelf op de borst kloppen van ‘kijk eens wat ik allemaal heb gedaan’. Ook dit hoort erbij. Ik denk wel dat het zou helpen als we daar een bepaalde mate van open over kunnen zijn. Het diskwalificeert je niet als er zoiets aan de hand is.’

Een mooi slot van een fijn gesprek met een warme vrouw. Esther blijft hard werken en heeft nog meer dan genoeg inspiratie voor een heleboel mooie verhalen.

Samen met Elsbeth de Jager werkt ze inmiddels alweer aan een volgende roman.

____________________________________________________________________________

De boeken van Droomvallei zijn te koop bij alle (online)boekhandels. Ben je nieuwsgierig geworden naar het werk van Esther? Bestel haar boeken dan eenvoudig via onderstaande links.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *